Soms wordt er de indruk gewekt dat castratie van reu of teef* een wondermiddel is om agressie te verhelpen. Of op z’n minst “baat het niet, dan schaadt het niet”. Helaas zijn beide stellingen onjuist. Wat kunt u dan wel verwachten van een castratie bij agressieproblemen?
Een groot deel van de reuen wordt gecastreerd om gedragsproblemen. Bij teven is dat vaker uit gemaksoverwegingen (niet meer loops worden). Toch is er niet zoveel wetenschappelijk onderzoek gedaan naar gedragsveranderingen van honden na castratie. Bovendien is agressie een term waar een breed scala aan gedrag onder valt. Zo kunt u denken aan agressie naar andere honden, gezinsleden, vreemden, ter verdediging van voer of speeltjes, prooi- of spelagressie. Castratie zorgt ervoor dat de hond een hormonale verandering ondergaat. Bij reuen betekent dit dat er geen testosteron meer wordt geproduceerd, en bij teven geen oestrogeen en progesteron. Het is dus logisch dat alleen gedragingen die onder invloed staan van deze hormonen, beïnvloed kunnen worden door castratie.
Teven Bij teven die agressief gedrag vertonen tijden de loopsheid, (schijn)zwangerschap, en ter verdediging van pups, is castratie uiterst effectief. Een risico van toegenomen dominante agressie naar gezinsleden na castratie werd echter geconstateerd door O’Farrell en Peachey (1990) bij teven die voor de leeftijd van 12 maanden werden gecastreerd én die reeds agressieproblemen vertoonden. Voor teven die later dan 1 jaar gecastreerd werden geldt dit verhoogde risico niet.
Reuen Het mannelijke hormoon testosteron zorgt voor een grotere reactiviteit bij honden. Dat betekent dat ze sneller, intenser en langduriger zullen reageren op allerlei prikkels. Na castratie gaat het testosteron uit het lichaam van de reu, en verdwijnt dus deze hormonale opzwepende invloed. Dit is de reden dat castratie bij reuen vaak wordt geadviseerd bij agressie. Castratie alleen is echter zelden de oplossing. Gedragstherapie zal bijna altijd een aanvullende voorwaarde zijn om het probleem op te lossen De gedragingen die het meeste baat hebben bij castratie zijn: hyperseksualiteit, weglopen op zoek naar loopse teven, markeren in huis en bij de reu die alleen agressief is naar andere reuen. Castratie is af te raden bij reuen die agressie vertonen vanuit een angstmotivatie. Het wegvallen van mannelijke hormonen kunnen de hond nog onzekerder (angstiger) maken dan hij al was, en het probleem daarmee verergeren. Wetenschappelijke onderzoeken Om u een indruk te geven van de uitkomsten van diverse wetenschappelijke onderzoeken, volgen hieronder wat cijfers. Uit een onderzoek van Ben en Hart van de Universiteit van Californie in 1997 bleek dat castratie zorgde voor een afname van agressie tussen reuen in 60% van de gevallen. Neilson, Ekstein en Hart constateerden in 1997 een dat ongeveer 25% van de honden die agressief waren naar gezinsleden of andere honden binnen het gezin, na castratie en grote verbetering hadden. Datzelfde geldt voor 10-15% van de honden met agressie naar vreemden.
Dr. Gabriele Niepel hield in 2003 in Duitsland een enquête onder meer dan 1000 hondeneigenaar naar hun ervaringen met de castratie van hun hond. Het aspect agressie is hierbij naast allerlei andere zaken aan de orde gekomen.
Hoewel castratie vaak wordt geadviseerd bij honden met gedragsproblemen, met name op het gebied van agressie, is het zeker geen wondermiddel. In sommige gevallen, bijvoorbeeld bij agressie vanuit angst of onzekerheid, kan castratie het probleem zelfs verergeren. In de gevallen waar castratie wel positief bijdraagt, is het bijna altijd raadzaam om de castratie aan te vullen met gedragstherapie om het agressieprobleem aan te pakken.
* Hoewel er bij teven vaak gesproken wordt over sterilisatie, is dit een onjuiste benaming. Het weghalen van de eierstokken/baarmoeder van de teef respectievelijk de testikels van een reu, heten beide castratie.
Chemische castratie.
Onlangs zijn er twee nieuwe producten op de markt gekomen om de reu chemisch te castreren. Dit zou bv handig kunnen zijn als je overweegt om echt te castreren maar nog niet zeker weet of het dat effect heeft wat je ervan verwacht of misschien bij gedragsproblemen ,hierbij moet men wel bedenken dat castratie om agressie op te lossen maar beperkt werkt, dit is nl afhankelijk van het soort agressie! Of als de hond om medische redenen niet onder narcose kan. Men is nog aan het onderzoeken of het bij de teven als loopsheid preventie of bij urine-incontinentie toepasbaar is. Ook denkt men aan tumoren rond de anus, die door testosteron ontstaan, te kunnen behandelen. Kortom, men is nog aan het onderzoeken maar verwacht van deze middelen wel het één en ander. Van beide middelen wordt gezegd dat ze veiliger zijn dan het “oude middel Tardak” .
Het éne middel Ypozane is in tabletvorm en heeft als voordeel dat het geen invloed heeft op het “libido” van de reu en ook de kwaliteit van het sperma niet beïnvloed. Dit zou je kunnen toepassen bij goedaardige prostaatvergroting (bloed druppels en / of bloed in de urine)en bv bij urinewegproblemen. Deze middelen werken TIJDELIJK en in dit geval ongeveer 3 tot 6 maanden. Je hoeft het echter maar 1 week te geven en meestal zie je na 14 dagen al effect.
Het andere middel heet Suprelorin en is een implantaat dat oplost. Dit wordt dus met een injectie onder de huid aangebracht. Er zit een stof in die de vorming van testosteron tegen gaat en al na zo’n 4 weken begint te werken. Als het stofje “op” is ( na ongeveer een half jaar) en het implantaat opgelost is werkt alles weer normaal bij de reu en is dus ook de sperma productie weer hersteld. Bij dit middel neemt de “libido”van de reu wel af!
Mocht u een castratie overwegen en er nog niet uit zijn is het misschien een optie om eens met uw dierenarts te overleggen of één van bovengenoemde middelen een ( tijdelijke) oplossing is.