Een beloning van de hond op het onjuiste moment brengt de hond in verwarring, een beloning op het juiste moment maakt de hond zeker. Met het op het juiste moment belonen van de hond wil het nogal eens verkeerd gaan. Het is dan ook verstandig enige regels hier omtrent te hanteren.
Men behoort bij het belonen zich er van bewust te zijn dat men beloond en wat men er mee wilt bereiken. Wanneer en geleider aan de lijn van de hond trekt omdat deze niet dicht genoeg tegen hem aan zit en deze daarna gelijk uitbundig over de kop aait, is de geleider van zijn doen en laten niet bewust. De hond heeft niets ondernomen wat het belonen waard is. De hond ervaart echter dat hij voor het aan de voet getrokken worden flink beloond wordt. Wat moet de hond nu daarvan denken? Het moet hem verwarren zo kort na een straf, beloond te worden. De geleider had in deze situatie, zoals hij in alle situaties behoord te doen, zijn eigen gedrag en het gedrag van de hond moeten observeren! Pas daarna had de geleider moeten concluderen; of, wanneer en hoe belonen zal. Trekt men de hond met de lijn naar zich toe, zonder daarbij vervolgens op een of andere wijze op de hond verder in te werken, beloond men de hond weliswaar niet maar treedt men op een redelijke correcte wijze corrigerend op. De corrigerende maatregel kwam in de ogen van de hond uit het niets en hij zit correct aan de voet. De hond ervaart de corrigerende maatregel als niet afkomstig zijnde van de geleider. De hond is misschien verbijsterd maar niet verward. Gaat de geleider echter van het standpunt uit dat de hond beloond moet worden voor het correct aan de voet gaan zitten, dan behoort deze geleider dit alles vooraf te plannen. Hij kan bijvoorbeeld een grote stap naar rechts maken, wat de hond er waarschijnlijk toe brengt hem te volgen en correct aan de voet gaan zitten. nu is de beloning dus zinvol. nu is er voor de hond een koppeling tussen goed aan de voet gaan zitten en de beloning ervoor.
Aangezien iedere handeling van ons die de hond als plezierig ervaart voor de hond een beloning is, belonen wij onze hond vaak zonder het zelf te weten en vaak voor dingen die we eigenlijk niet willen stimuleren. Blaft de hond bijvoorbeeld in de auto van vreugde, terwijl we de plaats bereiken van de dagelijkse wandeling en laten we de hond gelijk na het parkeren uit de auto springen omdat we blij zijn dan van het geblaf af te zijn, belonen we de hond voor het blaffen. Beter zou zijn de parkeerplaats één of twee maal voorbij te rijden en de hond noch een tijdje in de wagen te laten. Bij het openen van de deur had de hond eerst correct in de auto moeten blijven zitten. Dit alles had het blaffen niet beloond/gestimuleerd. We moeten dus opletten of dat wat we doen, een beloning is voor de hond. En of we alleen belonen nadat we iets van de hond verlangt hebben wat het belonen werkelijk waard is.
De beloning zal de handeling, die men wil belonen, direct moeten volgen. Hoe langer de tijd tussen de handeling en de beloning is, des te meer schiet de beloning zijn doel voorbij en gaar misschien een handeling versterken die eerder bestraft dient te worden. Tortora heeft hiervan een mooi voorbeeld: De hond brengt ons de krant en springt gelijk bij ons op schoot. We denken de hond te belonen voor het brengen van de krant, echter belonen we voor het omhoog springen.
Daar beloning gedrag versterkt zullen we de beloning moeten koppelen aan het gewenste gedrag. Om bij het vorige voorbeeld te blijven: Laat de hond bij aankomst op de parkeerplaats, ondanks hij verwachtingsvol is, rustig zitten. Zodra hij rustig zit, snel de deur openen en de hond uitnodigen er uit te komen. Dit is een perfect geplaatste beloning. De hond koppelt: rustig zitten in de auto met snel geopend worden van de deur en het vrij geven. In het bijzonder bij temperament volle honden is een rustig gedrag alleen te bereiken met exacte planning van de beloning. Het werkt beter dan grof en op het onjuiste moment straffen van de hond.
Beloning voor een en het zelfde gedrag zou zo mogelijk gevarieerd moeten worden. Dit is niet zo eenvoudig en bij het vorige voorbeeld met de hond in de auto schijnt het onmogelijk. Zouden we de braaf in de auto zittende hond iets lekkers geven om de beloning te variëren, dan zou dit het uit de auto gaan alleen maar tegenwerken. Bij een ander voorbeeld; de oefening voorroepen en aan de voet gaan, kan men d.m.v. de stem, door de hond aan te halen of door de hond iets lekkers te geven deze belonen. Al deze beloningen samen geven zou te veel zijn. We moeten met beloningen spaarzaam omgaan. Een andere beloning in dit voorbeeld zou kunnen zijn de hond, nadat hij aan de voet gekomen is, vrij te geven. Gedachteloos belonen kan ons, zoals we gezien hebben, veel problemen geven. Het is ook een slechte zaak wanneer een geleider zijn hond na het straffen of het toepassen van een “foutieve uitvoering herstelling”, direct daarop volgend beloont. Hiervan hebben we een voorbeeld gezien. Vaak steekt er pure verlegenheid van de geleider achter het feit dat, nadat een oefening is mis gegaan en terwijl deze de geleider de instructeur uitlegt waarom het is mis gegaan, deze ondertussen over de kop van de hond krabbelt. Een goede instructeur zou de geleider de onzinnigheid van het krabbelen op de kop van de hond uitleggen!
Samengevat betreffende de beloning. Beloning stimuleert de hond dus bepaald gedrag te vertonen. Wij behoren ervoor te zorgen dat het om een gewenst gedrag handelt. Wij moeten spaarzaam zijn met beloningen en ons erop concentreren dat wij de beloning op het juiste moment aan de hond geven.