Als wij de hond iets willen leren,ongeacht welke oefening,dan zullen wij de oefening goed moeten voorbereiden en de hond in de juiste vorm proberen te brengen waardoor hij in staat zal zijn ,datgene op te nemen wat wij op dat moment van hem verlangen.
Als we beginnen met bijtwerk bij een jonge hond,wat overigens nooit voor een maand of zeven-acht mag gebeuren i.v.m. het wisselen van de tanden,dan zullen we eerst het gedrag van de hond terdege moeten observeren. Indien de omgeving,dus het oefenterrein,de hond dusdanig imponeert,dat hij er door van streek raakt,dus nerveus of angstig wordt,heeft het geen zin met de basis van het pakwerk aan te vangen.In zo’n geval moet als voorbereiding de hond eerst volkomen vertrouwd gemaakt worden met datgene wat hem stoort . In veel gevallen is het geen kwestie van nervositeit maar gaat de nog jonge hond liever ravotten of op verkenningstocht dan te reageren op een vreemde situatie die hij nog niet bevatten kan
Eveneens is het van groot belang dat de jonge hond zijn baas erkent m.a.w. dat er een goed contact is.Als hij niet op zijn baas kan steunen (vertrouwen),zuiver omdat de hond niet weet wat hij aan zijn baas heeft,zal het moeilijk zijn om de hond aan het bijten te krijgen of tot het optimum te komen. Om hem toch zover te krijgen ,zal de geleider eerst moeten zorgen,dat hij met de hond contact krijgt,zonder hem te gaan verwennen.Tijdens het uitlaten zo nu en dan eens flink met hem te stoeien is zeer belangrijk voor een goede verstandhouding. Ook het regelmatig meenemen.vooral waar veel drukte is,zal nodig zijn ook hem vertrouwd te maken met die,voor de geleider zo alledaagse dingen waaraan wij voorbij gaan,maar die voor de jonge hond enorm indrukwekkend kunnen zijn.Als instructeur en pakwerker moeten we ons van al die zaken bewust zijn,dan kunnen we daar rekening mee houden bij de voorbereiding voor we beginnen met het aanleren van het bijtwerk
Als de hond zorgvuldig is voorbereid kunnen we met de eerst bijtoefening beginnen. Duidelijk wordt hier bijtoefening genoemd en geen bijtwerk,omdat er de eerste keer of misschien meerdere keren nog niet wordt gebeten. De geleider die zich van de verschillende eigenschappen van de hond bewust is,gaat als volgt te werk.Bij het begin van de bijtoefening sluit de geleider met zijn hond zich aan bij oudere,goed bijtende honden,die allen in een kring staan. Hij zorgt ervoor iets terug te staan,zodat de hond een duidelijk overzicht heeft van wat er gaande is. Onder geen enkele voorwaarde mag een jonge hond naast een andere hond staan die zich angstig gedraagt. Dit zou hem de indruk kunnen geven dat er een ernstig gevaar dreigt waardoor zijn buurman in paniek raakt en er dus een reden is om er vandoor te gaan.
De juiste houding van de geleider met zijn jonge hond is als volg hij gaat op een knie zitten met de hond schuin voor zich .De hond kan dus niet achteruit.De aangelijnde hond wordt zeer kort vastgehouden. Hij mag geen gelegenheid krijgen alle kanten op te springen.Terwijl de pakwerker met de oudere honden bezig is en ze laat bijten,zonder al te veel lawaai te maken ,spreekt de geleider van de jonge hond deze moed in. Dat moed inspreken gebeurt op zeer rustige wijze met de woorden Oppassen ,zo is braaf De pakwerker zal ook bij de jonge hond een poging doen om door middel van enkele plagende bewegingen hem tot vechten uit te dagen. Als de hond een poging doet om te bijten,hoe gering dit ook is,zal de pakwerker dit aansporen door onmiddellijk angstig terug te springen.Dit mag 1 a 2 maal herhaald worden,waarna de geleider zijn
jonge hond uitbundig prijst of de hond gebeten heeft is helemaal niet belangrijk.Veel belangrijke is,hoe de houding van de baas op dat moment door hem ervaren wordt.
Het is natuurlijk niet mogelijk ,om de juiste verstandhouding meteen bij de eerste oefening vast te leggen. Maar wel kan reeds de grondslag gelegd worden voor een goede verstandhouding. De pakwerker zal zijn rol altijd met overleg moeten spelen .Hij zal met korte venijnige slaande bewegingen proberen de hond te treffen. Alleen proberen ,werkelijk raken zal hij hem niet Krijg hij een gunstige reactie ,dan zal hij duidelijk geschrokken moeten reageren. Bij de jonge hond wekt dit zeer snel de reactie op,dat hij iemand die hem kwaad wil doen,op de vlucht kan jagen door alleen nog maar actief te reageren.Als de hond zo’n stadium heeft bereikt dan is de basis voor het parkwerk gelegd.Wanneer de bijtoefening door de pakwerker wordt beëindigd en hij met de andere honden verder gaat,mag de hond niet alleen worden gelaten.Hij heeft nl. samen met zijn baas het gevaar getrotseerd,waarbij hij volledig van zijn baas afhankelijk was. Zou hij nu alleen worden gelaten,dan bestaat de mogelijkheid dat het beetje pas verworden vertrouwen,direct weer verloren gaat.Hij hoort dan,terwijl hij ergens ligt vastgebonden ,op afstand veel lawaai hetgeen ,hem nog niet duidelijk is en hem messchien wel angstig maakt terwijl dan zijn baas niet aanwezig is om hem vertrouwen te geven.Dit kan ook voor de volgende keer nadelige gevolgen hebben,omdat de kans bestaat dat hij weet na de oefening te worden vastgebonden en alleen gelaten.
Ook wil het wel eens gebeuren ,dat een jonge hond bijzonder fel is en direct de zak grijpt,alsof hij nooit anders gedaan heeft. Voor de geleider mag dit geen reden zijn zich anders te gedragen dan reeds eerder omschreven.Het is namelijk niet zomaar te zeggen waarom de jonge hond zo hard bijt.Dat een felle reactie voortvloeit uit natuurscherpte of angst is lang niet uitgesloten Als het hier gaat om het type hond genoemd onder type B in het hoofdstuk de verschillende typen honden Dan zal de hond vol en hard inbijten en ook meteen het gevecht met de pw aangaan.Hij zal de mouw niet gemakkelijk loslaten en als deze los is,meteen weer willen inbijten.Kortom zijn bijtdrift is ernorm.In dit geval houdt de geleider zijn hond nog even strak aan de lijn,terwijl hij hem aanspoort met zo is braaf.Vervolgens laat hij die aansporing achterwege,de lijn is nog steeds gespannen. Na een korte pauze wordt ook de lijn toegeven ,gevolgd door het commando los.En een felle ruk aan de lijn naar de pakwerker toe en het commando zit. De hond zal (overrompeld) de mouw loslaten om vervolgens meteen weer in te willen bijten,hierop moet de geleider bedacht zijn en meteen weer corrigeren met een ferme ruk aan de lijn vergezeld van commando,het kan wel eens voorkomen dat dit soort honden in hun drift ,als reactie dan naar de geleider happen.Dit is geen kwaadheid maar drift.
Het zal duidelijk zijn dat dit meteen door de geleider afgestraft dient te worden.Laat men dit achterwege dan kan de hond wel eens te strek en onhandelbaar worden.Treden we echter van meet af aan goed op dan beteugelen we de scherpte en kunnen die omzetten naar buitdrift. Deze honden hebben een strakke maar rechtvaardige en consequente aanpak nodig. Indien de omschreven volgorde van lossen wordt aangehouden is het voor de hond begrijpelijk en is het woord los voor hem na enige tijd een begrip.Let wel deze honden moeten eerst perfect in de hand zijn voor dat we beginnen met lossen op afstand.
Dit type hond is niet bij uitstek geschrikt als sporthond,maar wel prima voor de praktijk als diensthond.Voor de minder fanatieke africhter of als huishond kan dit type hond toch problemen gaan opleveren.Een goede voorlichting en deskundige begeleiding zijn onontbeerlijk Is angst (honden van type E)de oorzaak van fel inbijten dan zal deze hond het echter ook agressief op de persoon reageren en de zak wannner deze stil gehouden wordt meteen loslaten en zijn actie naar de persoon richten.Geeft deze persoon (de pakwerker)dan een echte dreiging is het over en zal de hond willen vluchten.Een verdere opbouw is dan zeer moeilijk zo niet onmogelijk worden.De hond is dan niet geholpen en ook de geleider niet.Kortom een miskleun van de eerste orde.De beste manier is dat de pakwerker dan rustig de zak heen en weer wiegt en de geleider zijn hond rustig aait en op z’n gemak stelt.Als de hond even zelfstandig aan de zak trekt laat de pakwerker de zak langzaam los.De geleider moet dan de hond prijzen en met hem als het ware een ereronde te lopen terwijl deze de zak blijft vasthouden.Elke hektiek dient vermeden te worden.Op deze manier proberen we de hond zijn angstige agressie om te zetten in buitdrift en zijn aanvankelijke angst in zelfvertrouwen lukt dat,dan kunnen we met zo’n hond nog vele niveaus hoger komen en hebben we een goede prestatie geleverd
De honden van type C zijn vaak moeilijk voor de pakwerker .In aanvang is hun interesse gering.Zij zijn een beetje onverschillig en eigenlijk ook onverstoorbaar ,worden dus ook niet gemakkelijk kwaad en doen alles op hun gemak. In principe dus een ideale gezinshond.Prima bij kinderen en vreemden,maar moeilijk voor de sport Voor deze honden heeft de pakwerker veel fantasie nodig en moet ook de geleider goed kunnen stimuleren.Softstokslagen en dreiging vormen geen probleem maar de honden hebben veel actie nodig
De honden van type A zullen over het algemeen geen grote problemen opleveren.Veelal zullen deze zeer graag en vol in de mouw bijten en kan het afgeven (lossen) wel eens voor problemen zorgen.Bij een consequente aanpak zal dit echter geen onoverkomelijk probleem zijn daar deze honden zich wel willen laten leiden