Hier vindt u de volgende artikels/Informatie over Kies een categorie uit het dropdown menu.
Fokken met u hond: Lang niet elke hond is geschikt om mee te fokken. De kans is zeer groot dat, als de hond niet specifiek met dat doel is uitgezocht, de hond helemaal niet uitmuntend genoeg is om mee te fokken. En zelfs als de hond wèl is aangeschaft met dit specifieke doel is er een gerede kans dat in de loop der tijd toch blijkt dat de hond toch niet geschikt is. Dat maakt het dier natuurlijk niet minder leuk, lief of waardevol voor de baas,
Broodfokkers herkennen: Een goedkope hond lijkt erg aantrekkelijk. Veel broodfokkers bieden pups aan voor een zeer lage prijs. Zij hopen hiermee veel klanten te lokken en zo veel geld te verdienen met het fokken. Zij adverteren op de websites Marktplaats en Speurders. De echt goede fokker hoeft vaak niet de adverteren. Wanneer er een nest op komst is, is er vaak al een koper aangewezen. Hoewel er natuurlijk ook goede fokkers kunnen adverteren op Marktplaats of Speurders, moet u extra alert zijn wanneer u naar een pup zoekt op één van deze websites.
Schijnzwangerschap: In tegenstelling tot de mens voelt de hond zich niet zwanger, maar denkt dat ze al een nest heeft met pups. Meestal treedt de schijnzwangerschap ongeveer 9 weken na de loopsheid op. Dat is het moment dat de teef, als ze tijdens de loopsheid gedekt zou zijn geweest, had moeten werpen. Ze is dus niet zwanger geweest maar haar lichaam reageert wel als zodanig.
De bevalling: Hoe lang moeten we nog wachten? Vanaf het moment dat de teef gedekt is tot aan de geboorte, zit gemiddeld negen weken (=63 dagen). Maar de pups kunnen al geboren worden vanaf 59 tot 67 dagen na dekking. Bij de hond geldt in het algemeen: hoe meer pups, des te korter de dracht. Als de dracht minder dan 59 dagen of meer dan 67 dagen duurt, moet de dierenarts gewaarschuwd worden.
Navelbreuk: Nu komt het voor dat tijdens de groei de buikwand van de pup zich niet (helemaal) sluit. Een bobbeltje rond de navel is het resultaat.
Swimming puppy syndroom: Dit is een ontwikkelingsstoornis van een pasgeboren pup waarbij de pup plat op de buik voortkruipt en niet spontaan kan rechtstaan. Meestal zijn enkel de voorbenen aangetast (26%) en in sommige gevallen de achterbenen.
Gespleten gehemelte: Bij een gespleten gehemelte is er soms slechts een gedeeltelijke opening, in andere gevallen is zowel het voorste als het achterste deel van het gehemelte gespleten. Het voorste deel van het gehemelte is beenachtig en wordt het harde gehemelte genoemd. Het achterste deel heet het zachte gehemelte. De spleten kunnen aan één zijde (unilateraal) of aan beide zijden (bilateraal) van de mond voorkomen.