Hard trekkende honden - de “speurtuig/halsketting” methode
Juttuigook te gebruiken als speurtuig.
Voor veel geleiders (vooral voor onervaren geleiders) is een hard aan de speurlijn trekkende en drukke hond vaak een groot probleem. Bovendien is een op deze manier speurende hond in de regel erg slordig en wordt het hard trekken van de hond door keurmeesters meestal als ongewenst aangerekend. De hiervoor beschreven opbouw van de hond met het "onbevangen corrigeren" voorkomt dus dit probleem. Echter ik beklemtoonde bij de uitleg van de methode van "onbevangen corrigeren" dat naar mijn mening voor onervaren geleiders met zeer jonge honden het toepassen van deze methode te riskant is. Zelfs met een ervaren instructeur erbij. Beter is het voor deze onervaren geleiders om op een latere leeftijd van de hond te beginnen met deze methode. Als deze personen toch met een hond van een zeer jonge leeftijd willen beginnen met speuren doen ze er verstandiger aan de hond vrij te laten in zijn keuze of hij rustig speurt of hard trekt gedurende het speuren. Mocht de hond echter zo druk worden omdat deze er zoveel plezier (=drift) in krijgt en echt niet meer in de hand te houden is, dan kan men het beste de hond voor wat betreft het speuren "stil leggen". D.w.z. de hond zijn speurdrift is aangewakkerd, het is voor een deel duidelijk gemaakt hoe wij van hem verlangen dat hij met deze met speurdrift omgaat en laten voorlopig het speuren achterwege. De oplossing van dit probleem dat dan ontstaan is kan men op onderstaande wijze oplossen op een leeftijd dat de hond goed kan omgaan met correcties. De methode noem ik maar de “speurtuig/halsketting” methode. Echter de beschreven methoden is naar mijn mening niets om voor onervaren geleiders in hun eentje in praktijk te gaan brengen. Het is namelijk zaak er van overtuigd te zijn dat het daadwerkelijk nodig is en de hond het aan kan. Begeleiding met een ervaren iemand bij toepassing van deze methoden is een MUST!
Is men niet overtuigd dat de hond goed om kan gaan met stevige correcties voor het te hard trekken tijdens het speuren, dan kan het een goede keuze zijn de hond te laten blijven speuren zoals deze speurt. Men kan dan eventueel nog een overweging maken tussen de keuze van het speuren met een speurtuig of het speuren met een speurlijn aan een halsketting (niet op rijgen!) en deze lijn over de borst tussen voor- en achterpoten laten doorlopen of alleen onder één voorpoot laten doorlopen. Zelf heb ik goede ervaringen met het speuren aan een halsketting. In de literatuur heb ik over deze materie nog het volgende gevonden. -Het nadeel van een speurtuig is dat indien de hond krachtig trekt deze slechts moeilijk te houden is en wordt er geen onmiddellijke druk op hem uitgeoefend om zijn neus aan de grond te houden. Met de “halsketting” methode trekt de hond zelf zijn kop in de gewenste lage kophouding (Bechtold”africhting”,blz 27). Echter Toman zegt hierover...de hond zo laten speuren mat hem alleen maar onnodig af, omdat de hond niet constant zijn neus boven de grond hoeft te houden om goed te kunnen speuren. M.a.w. men dwingt de hond iets onnatuurlijks af, alleen maar voor “het oog van de keurmeester” (Toman,”politiehond”,blz 189).
Naast deze wijsheid uit de literatuur wil ik er nog op wijzen dat een geleider ook moet leren zijn hond goed aan te zetten. D.w.z. hond aanzetten met een commando ZOEK en stil blijven staan totdat de speurlijn op 10 meter is. Hierbij behoort de speurlijn dan vloeiend door de handen heen te glijden en wel zodanig dat de hond in een aanvaardbaar tempo vertrekt. Dit door de handen heen laten glijden van de speurlijn zal bij honden die hard trekken bij het speuren een probleem op kunnen leveren. De lijn goed nat maken voor men gaat speuren is bij deze nog een goede tip. Gestuntel van de geleider bij de aanzet met de speurlijn kan de hond beïnvloeden in zijn speurprestaties.
Voor diegene die er voor kiezen de “speurtuig/ketting” methode toe te gaan passen volgt nu de nodige informatie over deze methode. Men heeft dus een zeer drukke hond met veel speurdrift gedurende het speuren en men weet dat de hond goed belastbaar is met correcties. Dan moet men zich gelukkig prijzen met het bezit van de betreffende hond. Dergelijke honden hebben namelijk veel "over" en hiervan kunnen prima speurders gemaakt worden. Om deze honden netjes en rustig te leren speuren zal in de regel niet aan een paar flinke correcties te ontkomen zijn. Mijn ervaring dat de meeste honden op de leeftijd van 3 tot circa 8 maanden dergelijke druk nog niet kunnen verdragen, hoewel er natuurlijk altijd uitzonderingen zullen zijn. Het is dus voor de meeste honden beter dan deze zijn eerste flinke correcties ervaart bij het appèl, dus zeg met ongeveer 8 à 9 maanden. Als o.a. het volgen hem dan een beetje is aangeleerd en de beginselen van de overige elementaire gehoorzaamheid, dan kan men het speuren weer gaan oppakken. Nu moet de hond dus ook op het speurveld tot de orde geroepen te worden. De methoden berust op het principe speuren op het speurtuig, correcties met een tweede lijn aan een hals(prik)ketting. De hond krijgt dus een hals(prik)ketting om waaraan een lijn wordt bevestigd die dan achter één van zijn voorpoten door moet lopen. Daarbij draagt de hond een normaal speurtuig waaraan de tweede lijn wordt bevestigd die gewoon over de rug van de hond loopt. Het is de kunst deze lijnen niet met elkaar verward te laten raken en het verschil van functie goed uit elkaar te houden. De lijn aan de hals(prik)ketting hangt altijd door en wordt alleen kort aangetrokken voor een correctie uit te voeren. Je kunt het gebruik vergelijken met het gebruik van een slipketting bij het aanleren van het volgen. Als de hond te hard trekt aan het tuigspeurlijn behoord er dus met de hals(prik)kettinglijn gecorrigeerd te worden. Dit moet kort en krachtig gebeuren, als je dit te "soft" uitvoert heeft het geheel te weinig effect. Zaak is na een correctie de hond aan te sporen verder te speuren, zij het dus in een rustig tempo. Stapvoets is de ideale snelheid. Op de lijn aan het tuig behoord tijdens het speuren altijd iets of wat spanning te staan, maar het moet niet zo zijn dat de hond zich aan deze lijn vooruit trekt. Bij het toepassen van deze methode moet men er rekening mee houden dat het speuren even iets "minder" zal worden en dat er stress op zal gaan treden. Deze stress hoeft niet alleen door het "prikken" te komen, maar kan alleen al ontstaan omdat de hond wordt geremd in het uiten van zijn driften. Het is belangrijk goed met de stress om te springen. Daarom is ervaring in de buurt hoogst noodzakelijk. Echter indien het goed werkt zal men zien dat men een rustige, netjes speurende hond er aan over houd. Men dient er echter rekening mee te houden dat bij het examen men de hond of met een speurtuig, of met een lijn aan een halsketting moet voorbrengen. Er zullen honden zijn die bij het gaan speuren met een speurtuig gelijk weer terug blijven vallen in hun oude kwaal van trekken etc. Deze honden zijn in de regel wel goed in de hand te houden als men ze voorbrengt met een lijn aan de halsketting. Met deze honden moet men uiteindelijk ook gaan trainen met alleen een lijn aan de hals(prik)ketting (achter één poot door dus) en het speurtuig dus achterwege laten. Bij de opbouw heeft men dan toch echter wel profijt gehad van deze "speurtuig/halsketting@ methode omdat de hond maximaal te corrigeren was.