1. Een goede instructeur moet zich kunnen beroepen op een zo groot mogelijke ervaring als africhter en pakwerker.hij moet in staat zijn zijn pakwerkers respectievelijk hulpinstructeur zelf op te leiden
2. Door in het verleden behaalde resultaten met eigen hond wint de instructeur het respect en het vertrouwen van zijn leerlingen onder het motto wat je anderen wilt leren moet je eerst zelf goed kunnen
3. Een instructeur is correct in zijn optreden tegenover zijn leerlingen ,behandelt deze onpartijdig naar hun houding,vlijt en resultaten die bereikt zijn.
4.Een instructeur demonstreert nooit met andermans hond! Dit doet hij of met zijn eigen hond of hij laat een gevorderde leerling de bedoelde oefening voordoen.
5. Een instructeur werkt volgens een vooruit gepland oefenprogramma en houdt van alle leerlingen een statistiek bij. 6. Een instructeur handhaaft orde en discipline op vrijwillige basis en trekt telkens de conclusie uit zijn woorden en daden]
7. Op de oefenterrein is de instructeur de baas en is alleen tegenover het kringgroepbestuur verantwoording schuldig .Indien er meer groepen en instructeurs in de kringgroep zijn .Is het de chef-instructeur die de verantwoording en leiding van alle oefeningen heeft direct aan hem zijn instructeurs gehoorzaamheid en verantwoording verschuldigd
8. De instructeur respectievelijk de chef-instructeur moet zich ervan bewust zijn,dat goed functioneren van kringgroep alleen mogelijk is bij gratie van een goed africhtingsbeleid en een harmonische samenwerking tussen het kringgroepbestuur en de instructeurs
9. De instructeur wordt niet gekozen ,deze wordt na rijp beraad door het kringgroepbestuur aangesteld zonder inspraak de kringgroepsleden
10. Instructeur mag nooit een functie zijn bij de gratie van ,omdat er toch niemand anders was die het wilde doen.De instructeur is een vakman en als zodanig moet hij gewaardeerd worden.Door hem staat en valt de gehele kringgroep